[Begin met de aanleiding. Waarom schrijf je dit stuk, en welke vraag krijg je zo vaak dat het een artikel waard is? Hou de eerste alinea kort — de lezer beslist hier of hij doorgaat.]
[Tweede alinea. Werk de situatie uit. Gebruik gewone taal en voorbeelden uit huizen waar je bent geweest, geen productnamen en specificaties.]
[Tussenkop die een deelvraag beantwoordt]
[Tekst onder de tussenkop. Tussenkoppen zijn ook waar Google naar kijkt, dus formuleer ze als de vraag die iemand intypt.]
- [Opsommingen werken goed voor een rijtje voor- of nadelen.]
- [Hou ze kort — één regel per punt leest het prettigst.]
- [Meer dan vijf punten en niemand leest ze nog.]
[Een uitgelichte zin uit je eigen tekst, of een citaat van een klant. Eén per artikel is genoeg.]
[Tweede tussenkop]
[Verder met de uitleg. Verwijs waar het kan naar een onderwerp of een project op de site — dat helpt de lezer én de vindbaarheid.]
[Een kleinere tussenkop voor een detail]
[Afsluitende alinea. Eindig met wat de lezer nu kan doen, niet met een samenvatting van wat je net hebt geschreven.]
